Tentoo

Groen/Schoevers 2.0

Hoge Raad nuanceert Groen/Schoevers

Het arrest Groen/Schoevers is één van de bekendste arresten binnen het arbeidsrecht. Eind 2020 deed de Hoge Raad een belangrijke nuancering op dit arrest, waardoor de kwalificatie van een arbeidsovereenkomst is genuanceerd.

Gepubliceerd door: Hendrikx Advocaten Juridisch partner van Tentoo
Geplaatst op 4 februari 2021
Leestijd

Achtergrond

Het arrest Groen/Schoevers gaat om Groen, werknemer bij Schoevers. Schoevers besluit op enig moment de overeenkomst op te zeggen, waardoor een meningsverschil ontstaat. Groen stelt dat sprake is van een arbeidsovereenkomst, terwijl Schoevers beweert dat enkel sprake was van een overeenkomst van opdracht. Het geschil is uiteindelijk beslecht door de Hoge Raad, die in dit arrest de kwalificaties van een arbeidsovereenkomst (7:610 BW) op een rijtje zette. Op 6 november 2020 gaf de Hoge Raad een belangrijke nuancering op het oorspronkelijke Groen/Schoevers arrest. De vraag of partijen een totstandkoming van een arbeidsovereenkomst hebben beoogd, speelt niet langer een rol bij de kwalificatie van een arbeidsovereenkomst. De Haviltex-formule speelt daarentegen wel een rol.

Feiten

Een vrouw ontvangt vanaf 1 december 2012 van de gemeente een uitkering ingevolge de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (IAOW).  In april 2014 is door de vrouw en het Re-integratiebedrijf namens de gemeente een Plaatsingsovereenkomst Participatieplaatsen getekend, in het kader van de Wet werk en bijstand (WWB). Hierin is bepaald dat de vrouw voor een maximale duur van 6 maanden voor 32 uur per week algemene taken zou verrichten als servicedeskmedewerker met behoud van de uitkering in het kader van een re-integratietraject. De vrouw ontving naast haar uitkering ook een premie voor het meewerken aan het participatietraject.

De vrouw vordert een verklaring voor recht dat zij van 11 april 2014 tot 11 april 2015 bij de gemeente werkzaam is geweest op basis van een arbeidsovereenkomst als bedoeld in artikel 7:610. Op grond hiervan vordert werkneemster onder andere betaling van het loon voor haar functie als servicedeskmedewerker.

Beoordeling

De Hoge Raad overweegt in haar nuancering op het Groen/Schoevers arrest dat bij het kwalificeren van een arbeidsovereenkomst, het niet van belang is of partijen daadwerkelijk de intentie hadden om een arbeidsovereenkomst aan te gaan. De arbeidsovereenkomst wordt volgens de Hoge Raad omschreven als ‘de overeenkomst waarbij de ene partij, de werknemer, zich verbindt in dienst van de andere partij, de werkgever, om tegen loon gedurende zekere tijd arbeid te verrichten’. Dit in tegenstelling tot het oorspronkelijke Groen/Schoevers arrest, waarbij de bedoeling van partijen wél een rol speelde bij de vraag of de overeenkomst moet worden aangemerkt als een arbeidsovereenkomst.

De bedoeling van partijen speelt volgens de Hoge Raad enkel nog een rol bij de vraag welke rechten en verplichtingen partijen zijn overeengekomen bij de totstandkoming van de overeenkomst, conform de welbekende Haviltex-formule. In het Haviltex-arrest werd namelijk bepaald dat bij de uitleg van een schriftelijke overeenkomst het niet genoeg is om enkel naar de taalkundige betekenis van de tekst te kijken, maar dat ook gekeken moet worden welke betekenis de partijen aan de tekst geven en wat ze over en weer van elkaar mogen verwachten. Nadat de rechter met behulp van die maatstaf de tussen partijen overeengekomen rechten en verplichtingen vaststelde, kon hij beoordelen of die overeenkomst de kenmerken heeft van een arbeidsovereenkomst en toetsen aan het oorspronkelijke Groen/Schoevers arrest.

De Hoge Raad is echter van mening dat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden en doet de zaak af zonder verdere motivering.

Conclusie

Van 1997 tot 2020 was het arrest Groen/Schoevers altijd leidend bij de kwalificatie van een arbeidsovereenkomst. In de bovenstaande zaak maakt de Hoge Raad hier echter een belangrijke nuancering op. De bedoeling van de partijen is niet langer van belang bij de kwalificatie van een arbeidsovereenkomst. Eerst dient op basis van de Haviltex-maatstaf te worden gekeken welke rechten en plichten partijen zijn overeengekomen (uitleg) en vervolgens kan de rechter beoordelen of die overeenkomst kan worden gekwalificeerd als een arbeidsovereenkomst (kwalificatie). Het Groen/Schoevers arrest blijft bestaan, maar wordt door de bovenstaande nuancering in een nieuw jasje gestoken: ‘Groen/Schoevers 2.0’.

Contact

Vragen over ‘Groen/Schoevers 2.0’? Neem dan contact op met je vaste contactpersoon bij Tentoo. Je kunt ook direct een kosteloos en vrijblijvend gesprek aanvragen met een van de arbeidsrechtspecialisten van Hendrikx Advocaten via telefoonnummer 0297 – 25 00 18 of e-mailadres info@hendrikxadvocaten.nl.

Andere interessante kennisblogs van Hendrikx:

Geef me nog meer informatie!

Onze experts helpen je graag. Laat je gegevens achter en we nemen contact met je op.